Ontslag- en opzegvergoeding wordt beperkt tot 12 maanden
Als het van Clarinval afhangt, worden ontslag- en opzegvergoedingen – waarbij de te presteren opzegtermijn na ontslag wordt uitbetaald in plaats van gepresteerd wordt – beperkt tot twaalf maanden. Momenteel is er geen maximale opzegtermijn. Daarmee gaat de MR-minister in tegen het regeerakkoord, waarin enkel sprake is van het beperken van ontslagvergoedingen, maar niet van een beperking van de opzegtermijn.
Juridisch expert Piet Van den Bergh van het ACV: ‘In 2014 werd de berekening van de opzegtermijn al hervormd, waardoor het langer duurt om die op te bouwen. Voor veel oudere werknemers is die lange opzegtermijn de enige drempel tegen ontslag. België kent een van de soepelste ontslagwetgevingen van Europa. Door de enige bescherming die nog rest – de financiële drempel – nu ook nog af te breken, worden alle werknemers kwetsbaarder.’
Maximale arbeidsduur wordt opgetrokken
Een gigantische stap terug in de tijd op vlak van arbeidsduur, dat is wat de Arizona-regering in petto heeft voor de Belgische werknemers. Waar voor heel wat werknemers nu een maximale arbeidsduur van acht uur per dag en 38 uur per week geldt – al kan dat verschillen naar gelang de sector waarin je werkt – komt daar binnenkort een heel pak bovenop. Als de teksten van Clarinval worden aanvaard, zullen werkdagen straks tot twaalf uur mogen tellen, een werkweek dan weer 60 uur. Tegelijk wordt ook de minimale arbeidsduur drastisch verlaagd, zodat de deur wordt opengezet naar gevreesde nulurencontracten. Daarbij ben je als werknemer vast in dienst, maar ben je niet zeker of je effectief opgeroepen wordt en bijgevolg een inkomen kunt verdienen.
Compensatie en toeslag voor overuren kunnen ontweken worden
Door het optrekken van de maximale werktijd kunnen de werkgevers de toeslagen die vandaag voor overuren gelden eenvoudig ontwijken. Je zult dus nog wel je regulier loon krijgen als je overuren presteert, maar geen inhaalrust en overurentoeslag. Bovendien wil Clarinval dat de referentieperiode voor de arbeidsduur uitgebreid wordt naar een volledig jaar. Daardoor kunnen werkgevers werknemers in rustige periodes plots minder uren aanbieden, waardoor werknemers niet meer zeker zijn van hun maandelijks inkomen. Heel veel extralegale voordelen zijn immers gekoppeld aan (volledig) gewerkte dagen.
Van den Bergh: ‘Naast een minachting voor het welzijn van werknemers, hebben die maatregelen nog een ander effect: de arbeidsduur en arbeidstijd zouden op individueel werknemersniveau bepaald worden. Daardoor worden collectieve onderhandelingen over werktijd en compensatie de kop ingedrukt. Dat terwijl in het regeerakkoord voortdurend wordt verwezen naar het belang van sociaal overleg en de sociale partners.’

