Vanaf januari 2026 moeten werkgevers alle werknemers na acht weken ziekte verplicht naar de arbeidsarts sturen. Die moet inschatten wat het ‘arbeidspotentieel’ van de werknemer is en of een re-integratietraject kan worden opgestart. Die snelle opvolging is allesbehalve vrijblijvend. Van wie niet voldoende meewerkt wordt de volledige ziekte-uitkering of het gewaarborgd loon ingehouden tot die persoon de verplichte controle nakomt.
‘Alleen door die extra beoordelingen zadelt de regering de arbeidsartsen van de preventiediensten met 200.000 extra medische onderzoeken op. Dit slorpt alle capaciteit op van de arbeidsartsen van preventiediensten. Hun eigenlijke taak nakomen – het voorkomen van de uitval van zieke werknemers – wordt zo bijna onmogelijk’, stelt Maarten Hermans, ACV-expert welzijn op het werk.
Ademruimte
Het medisch personeel bij preventiedienst Mensura beaamt die vrees, vertelt arbeidsarts Pieter Van Wambeke. ‘We kunnen vandaag al niet aan al onze wettelijke verplichtingen voldoen door het enorme personeelstekort. Op dit moment kunnen we zo’n 70 procent van onze taken vervullen, maar dan nog blijven er onder andere bedrijfsbezoeken en periodiek onderzoek van werknemers over die we niet kunnen uitvoeren. Eerdere herzieningen van de re-integratietrajecten maakten dat we extra werklast op ons bord kregen, terwijl daar al geen ademruimte voor was.’
Naast een verzwaring van de werkdruk voor het personeel, is het voorstel ook voor de zieke zelf weinig verrijkend, klinkt het verder. ‘Eigenlijk zou je dat in eerste instantie geval per geval moeten bekijken. Een persoon die op dat moment bijvoorbeeld een kankerbehandeling ondergaat verplicht naar de arbeidsarts sturen is niet alleen zinloos, maar ook nodeloos belastend voor die persoon.’
‘Iemand die een kankerbehandeling volgt naar de arbeidsarts sturen is zinloos en nodeloos belastend.’
Pieter Van Wambeke - arbeidsarts
Een mogelijke oplossing die zowel patiënt als arts ten goede zou komen, zou een betere informatie-uitwisseling tussen de verschillende artsen zijn, klinkt het vanuit het werkveld. ‘Binnen het al bestaande communicatieplatform is het mogelijk dat tussen de arbeidsarts, de behandelende arts en de geneeskundigen bij het ziekenfonds meer informatie wordt uitgewisseld. Daardoor zou de patiënt slechts één keer zijn verhaal moeten doen, wat al heel wat overbodige consultaties bij de verschillende partijen zou kunnen voorkomen. Maar daar bestaat nog geen concrete wet- en regelgeving rond.’
Bij koepelorganisatie voor de externe preventiediensten Co-Prev dringen ze aan om met alle betrokken partijen constructief rond de tafel te zitten om een overbelasting van het systeem te voorkomen. Directeur Hanne Sanders: ‘De onafhankelijke positie van onze preventie-adviseurs moet gevrijwaard worden.’
Wachttijden ingekort
Boven op de verplichte afspraak bij de arbeidsarts, wil de federale regering dat re-integratietrajecten al vanaf de eerste dag ziekte opgestart kunnen worden. Maarten Hermans wijst erop dat die versnelde aanpak vooral averechts zal werken: ‘Vandaag geldt er nog een wachtperiode van drie maanden ziekte. Zelfs met die wachtperiode zetten arbeidsartsen in 2023 de helft van de re-integratietrajecten stop omdat ze medisch gezien te snel zijn opgestart. Daar nog meer druk achter zetten zal het probleem alleen nog verder doen toenemen voor zowel de artsen als de zieke werknemers.’
Tegelijk wordt ook de wachttijd voor het medisch ontslag – officieel contractbeëindiging door medische overmacht – verder ingekrompen. Waar tot nu toe minstens negen maanden wachttijd golden om de kans op herstel, terugkeer en re-integratie te vergroten, wil de regering dit nu terugschroeven naar zes maanden.
‘Alle onderzoeken tonen dat een sanctionerende aanpak niet werkt, als de oorzaken niet worden aangepakt.’
Maarten Hermans - ACV-expert welzijn op het werk
‘Dit is een extreem contraproductieve maatregel’, zucht Hermans. ‘Er worden nu al 3,5 keer meer procedures voor medisch ontslag opgestart dan re-integratietrajecten. Dit verder vergemakkelijken gaat lijnrecht in tegen de doelstellingen van de regering zelf rond uitgaven in de sociale zekerheid, minder langdurig zieken en meer geslaagde re-integraties. Het is vooral een manier voor ondernemingen om werknemers snel en goedkoop te ontslaan, omdat er geen ontslagvergoeding verschuldigd is in geval van medische overmacht.’
‘Alles wat nu voorligt geeft blijk van een hardvochtige kijk op zieke werknemers, waarbij ze vooral met de stok terug naar het werk worden geduwd. Dit gaat in tegen alle onderzoek dat toont dat een dergelijke sanctionerende aanpak niet werkt, zeker als de oorzaken niet worden aangepakt. Het enige wat op termijn het aantal langdurig zieken structureel kan doen dalen is preventie, maar daar lijkt de politiek doofstom voor’, aldus Maarten Hermans.
‘Gedumpt via medisch ontslag’
© Maarten De Bouw‘Na het ongeval mocht ik aanvankelijk opnieuw deeltijds het werk hervatten. Maar doordat ik mijn rug wilde ontzien, belastte ik automatisch mijn schouder harder, tot die ook kapot was. Gevolg: twee jaar thuis, omdat ik uiteindelijk twee keer aan mijn schouder geopereerd moest worden.’
‘Toen de arts mij het akkoord gaf om opnieuw aan het werk te gaan en ik een nieuw re-integratietraject wilde opstarten, stootte ik uiteindelijk op een nee van de werkgever. Zogezegd kon dat maar één keer en was er geen aangepast werk mogelijk. Ook in de periode daarvoor werd ik steeds verder richting uitgang geduwd. Dat je na jaren dienst op die manier gedumpt wordt, hakte erin bij mij.’

