Skyline van Doha, met daarvoor twee houten vissersboten in de zee
In Doha, Qatar, vond begin november - dertig jaar na de eerste - de tweede World Summit for Social Development plaats © Unsplash/ Rowen Smith

Op de tweede World Summit for Social Development in Doha, Qatar, staat sociale rechtvaardigheid centraal: ondanks wereldwijde vooruitgang zorgt ongelijkheid voor onvrede. Daardoor stijgt de druk op democratische instellingen en internationale samenwerking.

Rafael Peels, Bureau voor werknemersactiviteiten Internationale Arbeidsorganisatie
 18 november 2025

Nieuwe cijfers tonen duidelijke en opzienbarende maatschappelijke vooruitgang in de laatste dertig jaar. Toch voelen mensen wereldwijd ongelijkheid, onzekerheid en beperkte vooruitzichten voor zichzelf en hun kinderen. Hoe komt dat? De Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) van de Verenigde Naties onderzocht waar sociale rechtvaardigheid op wereldschaal spaak loopt.

Dertig jaar geleden kwamen afgevaardigden uit 186 landen samen in Kopenhagen voor de First World Summit for Social Development. Die plaatste werkgelegenheid centraal, in nauwe samenhang met armoedebestrijding en sociale inclusie. ‘Sinds 1995 heeft de wereld onmiskenbare vooruitgang geboekt’, zegt directeur-generaal van de IAO Gilbert F. Houngbo. ‘Maar we mogen niet negeren dat miljoenen nog steeds zijn uitgesloten van kansen en waardigheid op het werk.’ Begin november vond in Doha, de hoofdstad van Qatar, de Second World Summit for Social Development plaats.

Kinderarbeid is gedaald tot een derde van het niveau van 1995. Extreme armoede en armoede bij mensen mét werk zijn nu ongeveer een kwart van wat ze in 1995 waren.

In aanloop naar die Second World Social Summit publiceerde de IAO het rapport The state of social justice. A work in progress. Sociale rechtvaardigheid betekent dat ‘alle mensen, ongeacht ras, geloof of geslacht, het recht hebben om zowel hun materieel welzijn als hun geestelijke ontwikkeling na te streven in omstandigheden van vrijheid en waardigheid, economische zekerheid en gelijke kansen’.

Sociale rechtvaardigheid moet bijdragen tot vertrouwen, legitimiteit en productiviteit in samenlevingen en economieën. Het is de hoeksteen van vreedzame, inclusieve en duurzame samenlevingen en staat centraal in het IAO-mandaat. Al in 1919, net na de Eerste Wereldoorlog, wanneer de IAO werd opgericht, luidde de openingszin van de constitutie dat ‘universal and lasting peace can be established only if it is based upon social justice.’ Dat klinkt vandaag relevanter dan ooit.

Extreme armoede

Sociale rechtvaardigheid rust op vier pijlers: fundamentele rechten en vrijheden; gelijke toegang tot kansen; eerlijke verdeling; en rechtvaardige transities. Het IAO-rapport bekijkt deze vier pijlers en begint met goed nieuws: er is vooruitgang. Kinderarbeid is gedaald tot een derde van het niveau van 1995. Extreme armoede en armoede bij mensen mét werk zijn nu ongeveer een kwart van wat ze in 1995 waren. Wereldwijd zijn mensen tegenwoordig welvarender, gezonder en beter opgeleid dan vroeger.

Waarom is er dan toch zoveel onvrede? Velen hebben het gevoel dat de baten niet eerlijk worden gedeeld en dat grote veranderingen buiten hun invloed plaatsvinden. En dat gevoel is niet ongegrond.

We zijn gemiddeld dan wel gezonder, maar wie geboren wordt in het land met de hoogste levensverwachting leeft gemiddeld dertig jaar langer dan wie geboren wordt in het land met de laagste levensverwachting. We zijn welvarender, maar de top één procent heeft sinds 1995 een vijfde van alle inkomensgroei naar zich toe getrokken. Dit is geen eerlijke behandeling.

De essentie van het IAO-rapport is dan ook de noodzaak om voordelen en lasten rechtvaardig te verdelen voor iedereen. Daar hebben we sterk beleid, overheden, sociale partners en multilaterale instellingen voor nodig.

Vooruitgang? Niet voor iedereen

Het IAO-rapport laat zien waar de wereld vooruitging, waar de vooruitgang stokte en waarom rechtvaardigheid nog ver weg is. Sinds 1995 daalde kinderarbeid van 20,6 naar 7,8 procent, extreme armoede van 39 naar 10 procent en het aandeel werkenden in armoede van 28 (in 2000) naar 7 procent.

Het percentage kinderen dat de basisschool afmaakt steeg met 10 procent, er is voor het eerst sociale bescherming voor meer dan de helft van de wereldbevolking en onze productiviteit steeg. De jaarlijkse output per werknemer nam met 78 procent toe sinds 1995, in hogere middeninkomenslanden zelfs met 215 procent.

Maar er zijn hardnekkige tekortkomingen. Een op de vier mensen heeft geen toegang tot proper water. 800 miljoen mensen leven van minder dan 3 dollar per dag. De top 1 procent bezit 20 procent van het inkomen en 38 procent van de welvaart. Terwijl de werkloosheid wereldwijd daalt, stijgt zij in lage-inkomenslanden.

De top 1 procent bezit 38 procent van de welvaart. Terwijl de werkloosheid wereldwijd daalt, stijgt zij in lage-inkomenslanden.

71 procent van iemands inkomen wordt nog steeds bepaald door geboorteomstandigheden zoals land en geslacht. Informaliteit treft nog steeds 58 procent van de werknemers. Er gaapt een kloof van 27 procent in arbeidsparticipatie tussen mannen en vrouwen, en de inkomenskloof tussen mannen en vrouwen blijft hoog: vrouwen verdienen 75 procent van mannen in hoge-inkomenslanden en slechts 46 procent in lage-inkomenslanden. Aan het huidige tempo duurt het vijftig tot honderd jaar om de wereldwijde loonkloof te dichten.

De reële waarde van minimumlonen is, gemiddeld over landen, in de afgelopen dertig jaar gestegen, vooral in hogere middeninkomenslanden. In lage-inkomenslanden is het gemiddelde minimumloon echter sinds 1995 met 44 procent gedaald in reële termen. Mede daardoor groeit de aandacht voor ‘leefbare lonen’, lonen die een waardige levensstandaard moeten waarborgen.

Draagvlak voor internationale samenwerking

Onderzoek toont aan dat vakbonden en collectieve arbeidsovereenkomsten (cao’s) de loonongelijkheid verkleinen. Toch blijft het bereik van cao’s wereldwijd laag (ongeveer een derde van de werknemers) en staat het vakbondslidmaatschap onder druk. Dat is geen verassing: de twee basisrechten die dit mogelijk maken – de vrijheid van vereniging en de effectieve erkenning van collectieve onderhandelingen – gaan er wereldwijd op achteruit. Dat is zorgwekkend.

Twee basisrechten die vakbondslidmaatschap mogelijk maken – de vrijheid van vereniging en de effectieve erkenning van collectieve onderhandelingen – gaan er wereldwijd op achteruit.

Inderdaad, dit alles ondermijnt onze instellingen en de politiek. Sinds de jaren tachtig neemt het vertrouwen in instellingen wereldwijd af – een weerspiegeling van de toenemende frustratie dat inspanningen niet eerlijk worden beloond. Overheden, vakbonden en ondernemingen ondervinden dat het ‘sociaal contract’ wankelt.

Zonder maatregelen om dat contract te versterken, kan het afnemende vertrouwen de legitimiteit van de democratie ondermijnen, net als onze instellingen, het draagvlak voor arbeidsrechten en sociale bescherming, en voor de internationale samenwerking die nodig is om globale uitdagingen aan te pakken.

Drie grote transities op de arbeidsmarkt

Ondertussen voltrekken zich drie grote transities die de arbeidsmarkt razendsnel hertekenen. De klimaatcrisis om te beginnen. Hittestress trof in 2024 al 71 procent van alle werknemers. De laagste inkomens zijn verantwoordelijk voor slechts 12 procent van de CO2-uitstoot, maar dragen 75 procent van de inkomensverliezen door de klimaatverandering.

Een rechtvaardige klimaattransitie vergt sociale dialoog, waardig werk en de strijd tegen ongelijkheid. Waardig werk verwijst op zijn beurt naar productieve jobs voor vrouwen en mannen, met sociale bescherming, respect voor hun arbeidsrechten en degelijke voorwaarden via sociale dialoog.

Ten tweede, de digitalisering stuwt groei en verandert hoe we werken. Generatieve Artificiële Intelligentie (AI) transformeert een op de vier banen, met administratieve functies die het risico lopen op volledige automatisering en vrouwen die relatief vaker getroffen zullen worden. Er is een digitale kloof tussen rijke en arme economieën en grote en kleine bedrijven. Bovendien roept algoritmisch management vragen op over eerlijkheid en respect van arbeidsrechten. Daarom moeten fundamentele rechten en waardig werk centraal staan.

Ten slotte hebben demografische transities wereldwijd een sterke impact op de arbeidsmarkt. Dit betekent een krimpende beroepsbevolking in hoge-inkomenslanden en een grote instroom op de arbeidsmarkt in lage- en lagere-middeninkomenslanden. Daarnaast verhoogt vergrijzing de druk op pensioenen, sociale bescherming en de zorgsector.

Om deze uitdagingen aan te pakken, moeten we inzetten op sociale rechtvaardigheid. Maar wat houdt dat in? Ten eerste: het toepassen van bestaande arbeidsinstituties – zoals sociale bescherming, actief arbeidsmarktbeleid of arbeidsbescherming – op de uitdagingen van vandaag en morgen. Vervolgens moeten we die instituties aanpassen aan de ecologische, digitale en demografische eisen van deze tijd, met robuuste sociale dialoog tussen sociale partners als ankerpunt.

De sociale dimensie in het bredere beleid moeten we dan weer versterken. Het arbeidsbeleid hoort verweven te zijn met het financiële, industriële, gezondheids- en milieubeleid. Dat vergt samenwerking en het doorbreken van silo’s tussen overheidsministeries, sociale partners en internationale instellingen.

Op de tweede wereldtop over sociale ontwikkeling in Doha staan die ambities voor een eerlijkere en inclusievere samenleving voorop voor de IAO. Hoe dat vertaald wordt in de praktijk zal moeten blijken, maar de Global Coalition for Social Justice van de IAO biedt een cruciale kans om inzet en samenwerking te versterken voor sociale rechtvaardigheid en waardig werk voor iedereen.

Abonnement De Gids

Neem een abonnement op De Gids!

Aanbevolen

Welzijnszorg waarschuwt voor groeiende...

Welzijnszorg zet gezondheidsongelijkheid centraal in hun eindejaarscampagne. Volgens de organisatie leidt armoede tot slechtere gezondheid door...
   05 december 2025

Fachtcheck: Zijn Belgische werknemers niet flexibel?

Uit cijfers van Steunpunt Werk blijkt dat Belgische werknemers vaak flexibel werken. Zeker wat betreft deeltijds werk en weekendwerk zitten we boven...
   02 december 2025

De dunne grens tussen arbeidsmigratie en sociale dumping

In de bouwsector is sociale dumping kopzorg nummer één, dat bleek onlangs nog in de Pano-reportage over detacheringsmisbruik. Controle,...
   27 november 2025

'Maak van zorg weer het hart van de samenleving'

De zorg stevent af op een infarct door de toenemende vergrijzing en de personeelstekorten. Hoe kunnen we het tij keren? Over die vraag bogen...
   24 november 2025