In het hart van het West-Vlaamse Dadizele ligt een uitgestrekt kasteelpark. In Kasteel Mariënstede wonen en werken volwassenen met een beperking. Nog geen minuut na onze aankomst heerst er plots opvallend veel bedrijvigheid: een arsenaal aan vriendelijke passanten komt ons begroeten. We informeren naar het kantoor van directeur Lieven Detavernier. Een behulpzame man in een rolstoel neemt ons op sleeptouw. ‘Dat vat eigenlijk onze hele werking en visie samen’, begroet Lieven ons. ‘In de traditionele zorgverlening is de gebruiker een dienstvrager, iemand die alsmaar hulp aan anderen moet vragen. Wij draaien die logica om, want ook iemand die zorg nodig heeft, kan nog steeds anderen helpen. Zo wordt die persoon op dat moment zelf een dienstverlener.’
‘In de traditionele zorgverlening is de gebruiker een dienstvrager, iemand die alsmaar hulp aan anderen moet vragen. Wij draaien die logica om.’
Directeur Lieven Detavernier
Mariënstede is op tal van vlakken een unicum in het Vlaamse zorglandschap. De zorgvoorziening ligt midden in het dorp, waardoor de grens tussen dorp en voorziening vervaagt. ‘Wij zijn intussen deel van het DNA van Dadizele geworden’, vertelt Lieven.
‘We hebben natuurlijk onze ligging mee. Veel andere voorzieningen liggen aan de rand. Dat komt omdat men historisch gezien zorg voor mensen met een beperking in grootschalige complexen, letterlijk buiten de samenleving, plaatste. Die mensen mochten lang haast niet gezien worden. Daar wilden we komaf mee maken, want we zijn ervan overtuigd dat mensen meer dan alleen hun beperking zijn. Ze zijn ook mensen met talenten en wensen zoals iedereen.’
Zorgzame buurt
Hoewel dat aanvankelijk veel voeten in de aarde had – het kasteeldomein was bijna een eeuw lang verboden terrein voor de dorpsbewoners – is er door jarenlange inzet een gezonde wisselwerking ontstaan tussen het dorpsleven en de mensen van Mariënstede, legt Lieven uit. Daardoor is Dadizele een van de 132 zorgzame buurten in Vlaanderen en Brussel, waar zorg opnieuw een zaak voor de hele gemeenschap wordt. Hier kijken ze al lang niet meer op van personen met een beperking in het straatbeeld. Dat bevestigt ook een dame die haar stoep aan het schoonmaken is. ‘Op het kasteeldomein organiseren ze vaak activiteiten voor het hele dorp. Daar is altijd veel volk.’
© Stefaan Beel
Meedraaien op de werkvloer blijkt een sleutel om mensen met een beperking niet alleen een zinvolle dagbesteding te geven, maar ook om het dorpsleven met Mariënstede te verbinden. Om dat te illustreren loodst Lieven ons doorheen een wirwar van verschillende gebouwen, met woningen, ateliers en gemeenschapsruimtes verspreid over het domein. De voorziening omvat onder andere een kaasmakerij, bakkerij, buurtwinkel en chocolaterie.
We volgen de geur van versgebakken brood tot we bij vijf bakkers belanden. Ze zijn druk in de weer om het brood voor de volgende dag voor te bereiden. Als een geoliede machine worden broodvormen gevuld en voorbereid door de diverse groep, waarbij we iemand met een fysieke beperking geconcentreerd zien samenwerken met een collega met een verstandelijke beperking. Naast hen staat een begeleider. Hij stuurt bij waar nodig. ‘Het brood dat we hier bakken wordt verkocht in onze eigen superette, samen met alle andere zaken die we op het domein produceren. Zo voeden we als het ware het dorp’, knipogen de bakkers.
Vastgeroeste patronen
Naast in de eigen ateliers kunnen de gebruikers van Mariënstede ook ‘begeleid werken’ bij diverse bedrijven in de buurt. In de plaatselijke supermarkt sorteren ze het leeggoed en vullen ze de producten zonder vervaldatum aan. En elke week verzorgen ze het sociaal restaurant in het naburige woonzorgcentrum.
‘We doen er alles aan om geen steriele zorgvoorziening te zijn’, maakt Lieven zich sterk. We willen net een kleurrijke en warme plaats zijn waar mensen zich thuis voelen. Ons ideaalbeeld is om een plek te worden waar je niet meer duidelijk kunt zien wie gebruiker, werknemer of vrijwilliger is.’
Podcast 'In goede handen' op bezoek in Mariënstede
Hoe zorgen we voor elkaar wanneer het zorgsysteem kraakt? In goede handen, de nieuwe CM-podcast, toont je tweewekelijks hoe zorg anders kan in de praktijk. De aflevering waarin Mariënstede aan bod komt, verschijnt op 21 april.
Onmogelijk zonder vrijwilligers
Vooral die laatste groep is enorm belangrijk, benadrukt vrijwilligerscoördinator Lien Degryse. ‘Er werken meer dan 120 vrijwilligers bij ons. Zonder hun bijdrage zou onze werking en kleinschalige aanpak onmogelijk zijn. Velen blijven ook jarenlang meedraaien’, licht ze toe. ‘Iedereen is welkom. Wij werken niet met vrijwilligersvacatures voor een heel specifieke taak, maar we gaan met elke nieuwe vrijwilliger in gesprek om te zien wat zij kunnen en vooral willen doen. Zo bieden we onze gebruikers binnenkort kleiworkshops aan omdat er een nieuwe vrijwilliger is die dat graag wilde doen.’
‘Wij werken niet met vrijwilligersvacatures voor een heel specifieke taak, maar we gaan met elke nieuwe vrijwilliger in gesprek om te zien wat zij kunnen en vooral willen doen.’
Vrijwilligerscoördinator Lien Degryse
Om het enthousiasme van de vrijwilligers in de verf te zetten, belt Lien André op. Sinds zijn pensioen veertien jaar geleden is hij ook een van de vaste waarden bij Mariënstede. ‘Ik wilde iets omhanden hebben en miste sociaal contact. Ik woon hier wat verderop en was wel benieuwd naar het leven op het kasteeldomein. Daarom heb ik mij hier destijds aangeboden. Eerst reed ik met een van de busjes rond om de gebruikers op hun werk af te zetten of om ze naar hier te brengen.
Nu doe ik de boodschappen voor de buurtwinkel en ander materiaaltransport. We krijgen jaarlijks wel een ontbijt of een activiteit als bedankje, maar de erkenning en warmte die je krijgt als vrijwilliger is de echte reden waarvoor we het doen.’
‘We moeten zorg weer de plek geven die ze verdient’
Uit Caruna kwamen 30 resoluties voort. Van Gorp: ‘De bedoeling is om de resoluties te gebruiken als een eerste aanzet om na te denken over de zorg van morgen. Maar we willen nog veel verder gaan. Dat zal een andere aanpak vragen in het beheer van de middelen en in de manier waarop we met elkaar omgaan.’ Een van de resoluties – die Mariënstede perfect illustreert – is: ‘solidariteit is geen slogan, maar een opdracht van iedereen om bij te dragen aan zorgzame gemeenschappen en buurten.’
~ www.caruna.be

