Met de doelstelling van de federale regering om tegen 2030 een werkzaamheidsgraad van 80 procent te halen, is het alle hens aan dek om werknemers langer aan de slag te houden. Maar steeds meer werknemers vallen uit nog voor ze hun pensioenleeftijd halen. ‘Uit onze studie blijkt dat er heel wat werknemers aan het einde van de loopbaan toch een aantal moeilijkheden ondervinden’, legt onderzoekster Ann Morissens van de CM-studiedienst uit. ‘Dat zijn vaak fysieke klachten, het hoge tempo, maar ook leeftijdsdiscriminatie en het gebrek aan erkenning speelt deze werknemers parten. Ook de combinatie van werken met het willen zorgen voor kleinkinderen of oudere familieleden is niet vanzelfsprekend.’
‘De geïnterviewden waren blij dat ze hun verhaal konden doen. Velen gaven aan dat het de eerste keer was dat er iemand naar hun behoeften luisterde en ermee aan de slag wilde gaan’, verklaart Morissens. ‘De meeste werknemers zijn immers nog zeer gemotiveerd, maar door een gebrek aan waardering of tegenslagen geraken ze soms in een negatieve spiraal. Samen nadenken over mogelijke werkaanpassingen kan al een oplossing zijn. Maar er moet meer gedaan worden om een actief eindeloopbaanbeleid te voeren.’
Om langer werken makkelijker te maken, werd in 2012 de cao 104 in het leven geroepen. Daarin staan diverse mogelijke aanpassingen beschreven. ‘Helaas is deze cao amper bekend. De cao zou ook inhoudelijk dwingender mogen worden en concrete maatregelen verplichten die hun nut al bewezen hebben’, besluit de onderzoekster. ‘Aanpassingen kunnen immers het verschil maken om al dan niet in goede gezondheid de loopbaan af te ronden, en dat wordt vaak over het hoofd gezien.’

