‘De index is gered’, klonk het vanuit de regering triomfantelijk enkele weken geleden. Maar allerhande kleinere aanpassingen aan de index zorgen er intussen voor dat die steeds minder goed zijn werk kan doen: de koopkracht op peil houden.
Een van de aanpassingen is de pensioenen, uitkeringen en lonen van ambtenaren pas drie maanden na het overschrijden van de spilindex te laten stijgen. Het kabinet van minister van Pensioenen Jambon (N-VA) en Frank Vandenbroucke (Vooruit) bevestigden intussen in verschillende media dat de indexvertraging zal doorgevoerd worden.
Prijzen stijgen sneller dan index
Vandaag stijgen pensioenen en uitkeringen de maand na het overschrijden van de index, bij de ambtenarenlonen na twee maanden. In de privésector is dit geregeld bij cao en sterk verschillend naargelang de sector. Daardoor ziet een gemiddelde gepensioneerde met een netto-pensioen van 1.707 euro bijna 70 euro per indexering in rook opgaan. ‘Ook mensen met een pensioen van amper 1.000 euro zullen telkens zo’n 40 euro inboeten’, weet Herman Fonck van seniorenvereniging OKRA. Voor ambtenaars loopt het inkomensverlies zelfs nog hoger op.
‘Kloof tussen pensioen en kosten van woonzorgcentra wordt steeds groter.’
Fonck wijst er verder op dat een verblijf in een woonzorgcentrum gemiddeld 2.245 euro per maand kost. ‘Bij een indexaanpassing stijgt dat gemiddeld met 45 euro, terwijl er bij het gemiddelde pensioen bruto 34 euro bijkomt. Elke indexaanpassing maakt het nog pijnlijker voor senioren. Door de aangekondigde maatregel van de federale regering zullen de prijzen van de woonzorgcentra dus eerst stijgen, de pensioenen volgen pas later. De kloof tussen het pensioen en de kosten van het woonzorgcentrum wordt zo telkens blijvend groter.
Inleveren
‘Tot zover dus de belofte dat deze regering niet aan de index ging raken’, klinkt het bij het ACV. ‘De index in naam behouden maar ze later toepassen is evenzeer iedereen laten inleveren. Tegen het einde van de legislatuur gaat het om een inkomensverlies van honderden euro’s. In tijden waarin steeds meer gezinnen met moeite het hoofd boven water kunnen houden, moet je net inzetten om hun koopkracht te vrijwaren.’

