Nu de lente volop in het land is, trekken weer meer seizoensarbeiders naar de pluk. Traditioneel gebruiken werkgevers het systeem van de ‘plukkaart’, die recht geeft op maximaal 100 werkdagen in bepaalde sectoren.
Het voordeel schuilt vooral aan één kant. Een werkgever kan last minute een werkdag afzeggen – begrijpelijk in weergevoelige sectoren – maar een werknemer kan dat niet. De plukkaart is bedoeld voor één seizoen, maar sommige werkgevers nemen dat niet al te nauw. Zo wordt bijvoorbeeld in serres vaak het hele jaar door geoogst. Dan is er geen sprake meer van een seizoensgebonden activiteit.
De plukkaart is bedoeld voor één seizoen, maar sommige werkgevers nemen dat niet al te nauw.
Wie het maximum van 100 dagen bereikt, wordt vaak de laan uitgestuurd, want een nieuwe arbeider met plukkaart aannemen is goedkoper. De plukkaart biedt zo bar weinig sociale bescherming.
Scheidingsvergoeding
ACV Voeding en Diensten onderhandelt voortdurend om de arbeidsvoorwaarden van seizoensarbeiders te verbeteren, zegt voorzitter Steve Rosseel: ‘In 2023 slaagden we er al in om de lonen van seizoensarbeiders gelijk te schakelen met die van reguliere werknemers. Met het recente sectorakkoord 2025-2026 verhoogt het loon van seizoenswerknemers met een scheidingsvergoeding van twee euro per werkdag.'
Dat is het alternatief voor de maaltijdcheques van minimaal twee euro voor vaste werknemers. 'Seizoenswerknemers hebben vaak het bedrijf al verlaten wanneer maaltijdcheques administratief in orde zijn gebracht', legt hij uit. 'Bovendien kan een buitenlandse seizoenswerknemer weinig doen met Belgische maaltijdcheques in zijn land van herkomst.’
Rechtreeks communiceren
Maar de vakbond wil nog een stap verder gaan. ‘Het overgrote deel van de seizoensarbeiders komt van buiten België,’ weet Rosseel. ‘We willen rechtstreeks communiceren met de seizoensarbeiders. Zo zouden zij effectief aanspraak kunnen maken op bepaalde voordelen van het sociaal fonds en in sommige gevallen ook op vakantiegeld. Het ontbrekende adres maakt het vandaag helaas lastig: op het moment van uitbetaling zijn veel werknemers al elders in Europa of terug in hun thuisland.’
Die realiteit zorgt voor een uitdaging, erkent Rosseel. ‘We zijn ons ervan bewust dat dit systeem nog niet ideaal is, maar stap voor stap proberen we de loon- en arbeidsvoorwaarden voor deze groep te verbeteren.’

