‘Gelukkig zijn zo’n excessen de uitzondering’, vertelt Nelis Jespers van Jong ACV. ‘Maar toch. Jongeren tussen 15 en 19 jaar hebben dubbel zo veel kans op een arbeidsongeval dan de gemiddelde werknemer, zo blijkt uit cijfers Fedris, het agentschap voor beroepsrisico’s. 13% van de jonge werkers, vaak zijn dit jobstudenten, had in de periode 2013-2020 een arbeidsongeval. 1 op 3 van de arbeidsongevallen treft mensen met een beroepservaring van minder dan 1 jaar.’
De theorie versus de praktijk
De wetgeving rond veiligheid en welzijn op het werk voor minderjarigen en jobstudenten is nochtans behoorlijk streng. ‘Zo is een risicoanalyse verplicht en moet de jongere geïnformeerd worden over de veiligheidsvoorschriften en -risico’s op het werk’, vertelt Joke Vrijs van Jong ACV. ‘Ook het aanbieden van geschikte veiligheidskledij is belangrijk.’ Maar de praktijk is vaak anders: ‘Jongeren moeten hun kledij zelf meenemen. Vaak krijgen ze ook geen arbeidsreglement. Tijd voor een fatsoenlijk onthaal en dus voor informatie over veilig werken is er vaak niet.’
48% van de jonge slachtoffers van een arbeidsongeval werkt bovendien met een interimcontract. ‘Wie werkt met een dag- of weekcontract moet opbrengen. Een goed onthaal en een fatsoenlijke opleiding kost de werkgever tijd, en dus geld’, stelt Joke Vrijs. ’De gevolgen en de kosten van dat businessmodel worden op de jongere én op de samenleving afgewend.’
*Ayman is een schuilnaam

