Naar schatting 585.000 langdurig zieken telt België. Zij kunnen al langer dan een jaar niet werken, meestal door spier- en skeletaandoeningen of psychische klachten zoals burn-out. Ze vallen terug op een ziekte-uitkering. Het aantal langdurig zieken neemt fors toe, de regering verwacht er bijna 700.000 tegen 2030.
Om een rem te zetten op dat snelgroeiende aantal, wil minister van Sociale Zaken Frank Vandenbroucke (Vooruit) uitgevallen werknemers sneller en strenger opvolgen om weer aan het werk te gaan, of te ‘re-integreren’. Ook de ziekenfondsen, artsen en werkgevers moeten een tandje bijzetten. Mensen met een zware of levensbedreigende ziekte, zoals kanker, worden wel uitgesloten van het activeringsbeleid.
Elisa* hervatte werk, voelt zich aan haar lot overgelaten

‘Momenteel werk ik twintig uur per week, gespreid over drie dagen. Anderhalf jaar geleden herbegon ik nog met één dag. Ik heb al een hele weg afgelegd.’
Drie opeenvolgende zware zwangerschappen veroorzaakten ernstige gezondheidsproblemen bij Elisa. ‘Bijna een jaar lang kon ik amper mijn bed uit. Dat ik niet kon werken, gaf me een enorm schuldgevoel. Ik zakte weg in een depressie. Het liefst wil ik vier vijfde werken, zonder angst om opnieuw uit te vallen. Maar er is niemand die me opvolgt, of meedenkt over aangepast werk. Dat weegt op me. Hoe moet ik gemotiveerd blijven als ik het gevoel heb dat ze liever hebben dat ik volledig uitval?’
Strengere controles
Sinds 1 januari kunnen werkgevers al vanaf de eerste dag ziekte aan werknemers vragen om in een re-integratietraject te stappen, in plaats van na een wachtperiode van drie maanden. Verder moet de arbeidsarts, die de re-integratie begeleidt, vanaf de achtste week in ziekte het ‘arbeidspotentieel’ beoordelen, ofwel aangeven wat een werknemer wél nog kan. In dat geval zal er een re-integratietraject opgestart worden. Daar niet aan meewerken, kan bestraft worden met het verlies van de volledige uitkering.
‘Nochtans weten we dat re-integratie de grootste kans op slagen heeft als het vrijwillig gebeurt, niet onder dreiging van sancties’, aldus ACV-expert welzijn op het werk Maarten Hermans. De regering wil de komende jaren alle langdurig zieken opnieuw onderzoeken vanuit dat oogpunt. Vandenbroucke mikt op 100.000 controles per jaar en verwacht dat een groot percentage daarna weer aan het werk gaat. Daarmee wil de regering-De Wever maar liefst 1,9 miljard euro besparen.
Bovendien is de periode verkort waarna een werkgever het contract met een zieke werknemer mag beëindigen vanwege ‘medische overmacht’, voortaan zes in plaats van negen maanden. In dat geval krijgen werknemers geen ontslagvergoeding. Jaarlijks vinden meer dan 25.000 ontslagen vanwege medische overmacht plaats, een veelvoud van de 6.400 formele re-integratietrajecten in 2024.
Deeltijds herbeginnen
‘Ik kreeg zelfs nooit de kans om te herbeginnen’, getuigt Lindsey (43). Zij werkte als magazijnier en viel uit met rugklachten en fibromyalgie (chronische spierpijnen en vermoeidheid). ‘Na enkele maanden stelde ik mijn werkgever voor om geleidelijk herop te starten met halve dagen. Ik wilde tonen dat ik wilde werken en herstellen. Misschien is het beter dat je ergens anders gaat werken, klonk het. Toen belde de personeelsdienst me op: ze hadden de procedure voor medische overmacht opgestart.’ Daar bleek, na tussenkomst van een medisch adviseur, niet voldoende reden toe.
‘Misschien is het beter dat je ergens anders gaat werken, zei de personeelsdienst.’
Lindsey
Volgens Maarten Hermans is het beter om volledig komaf te maken met de regeling van het ‘medisch ontslag’. ‘In Frankrijk of Nederland bestaat die ontslagvorm niet. Werkgevers dragen er de kosten voor structurele uitval. Bij ons doet de sociale zekerheid dat.’ Wel positief vindt Hermans dat de regering deeltijds werk aanmoedigt, waarbij langdurig zieken een arbeidsinkomen kunnen combineren met een uitkering voor het deel waarin ze niet kunnen werken.
‘We moeten de mens achter de arbeidsongeschiktheid blijven zien’, waarschuwt Annemarie Bonroy, adviserend arts voor CM. ‘Mensen die uitgevallen zijn, hebben vaak nog heel wat mogelijkheden, maar werkgevers moeten ervoor openstaan dat zij misschien niet meer álles kunnen. Dat vergt een inspanning om banen op maat te kneden.’
Haci (49), meestergast bij een rioleringsbedrijf mag niet herbeginnen van de directie

‘Toen het bedrijf in moeilijkheden kwam, nam de stress het over. Ik kon niet slapen, niet meer nadenken. Er vielen ontslagen. Ik was erg bang dat ze me zouden buitengooien.’
Een arts schreef Haci daarom een rustperiode voor. ‘Na zes maanden wilde ik weer werken. De hele dag thuiszitten is niets voor mij. We zullen wel zien, klinkt het altijd op mijn vraag. Het liefst willen ze dat ik ontslag neem. Zo moeten ze me geen ontslagpremie uitbetalen, met twintig jaar anciënniteit. Waarom zou ik dat doen? Ik heb niets misdaan, ik wil gewoon mijn werk terug.’
Sprekend is het verhaal van Nicole* (53) die opnieuw deeltijds werkt bij een groot vleesverwerkingsbedrijf. Zowel de zware kledij als het monotone snijwerk wegen op haar gezondheid, waardoor ze reuma-opstoten krijgt. ‘Telkens wanneer ik terugkeer na een periode van korte uitval, straft mijn leidinggevende me door me op een zwaardere post te zetten.’
Te lang werden mensen aan hun lot overgelaten als ze ziek werden, vindt Maarten Hermans. ‘Nu staan ze eindelijk op de politieke agenda, maar vooral omdat de regering wil knippen in de uitgaven van de sociale zekerheid. Als de regering echt bezorgd is om langdurig zieken, moeten we eerst banen creëren waarin mensen niet ziek worden.’
*Nicole en Elisa zijn schuilnamen.
Heb je vragen over je ziekte-uitkering of re-integratietraject, neem dan contact op met je ACV- of CM-kantoor.


