Vlaams minister van werk Jo Brouns (CD&V) besliste om het negatief advies van de erkenningscommissie te volgen en trok de erkenning in. De bewijslast tegen het bedrijf was dan ook aanzienlijk.
‘De bal is aan het rollen gegaan na covid,’ vertelt ACV-secretaris Wendy Buedts. ‘Het bedrijf besliste toen om iedere werknemer die een ziektebriefje binnenbracht, op tijdelijke werkloosheid te zetten. Zo ontloopt de werkgever zelf de plicht om gewaarborgd loon te betalen. Wij hebben dat aangekaart bij de Vlaamse inspectiedienst. Dat, en nog een heel aantal andere zaken, zijn dan aan het licht gekomen.’
Fraude en intimidatie
Dat ACC Domestic Services heel wat arbeidsregels schond, blijkt uit de vele verhalen. Fraude met tijdelijke werkloosheid was er schering en inslag. Maar ook grensoverschrijdend gedrag, intimidatie en in enkele gevallen zelfs seksueel overschrijdend gedrag.
‘De fraude met de ziektebriefjes was aanzienlijk’, gaat Buedts verder. ‘Ironisch genoeg vorderde de RVA nadien de ten onrechte uitgekeerde werkloosheid terug op bij de huishoudhulpen. In sommige gevallen ging dat om duizenden euro's.’
‘Maar er zijn nog tal van flagrante zaken komen bovendrijven. Zo moesten huishoudhulpen een document tekenen waarop ze akkoord gaan om onbetaald thuis te blijven als een klant wegvalt. Voor onbepaalde duur. Zo verliest de huishoudhulp haar recht op loon.’
Raad van State
ACC Domestic Services stapt nu naar de Raad van State. Als die minister Brouns gelijk geeft, verliest het bedrijf zijn erkenning definitief en mag het vanaf 1 mei geen dienstencheque-activiteiten meer aanbieden. De huishoudhulpen verkeren nu in het ijle, want ook zonder erkenning mogen contracten blijven doorlopen. Wie zelf ontslag neemt, verliest het recht op een uitkering. Nu is het bang afwachten wat de werkgever zal doen. Buedts: ‘Is die bereid om schadevergoeding voor gederfd loon te betalen aan de huishoudhulpen? Er heerst nog veel onzekerheid, dus we staan hen nu zo goed mogelijk bij.’
Dat zo’n grote speler regels zo overduidelijk aan de laars lapt, is niet representatief voor de hele sector, benadrukt Buedts. ‘Maar de ingetrokken erkenning is wel een belangrijk signaal naar de sector, die voor 70 procent gesubsidieerd is met overheidsgeld. Daar wordt momenteel geen enkele verantwoording voor gevraagd. We eisen dan ook dat de regering hier minimumvoorwaarden aan koppelt om het recht op subsidies te behouden en misbruik van huishoudhulpen te bestrijden.’

