Eerst het goede nieuws: op 40 jaar tijd is in ons land het aantal aangegeven arbeidsongevallen bijna gehalveerd. Van zo’n 270.000 arbeidsongevallen in de private sector in 1985 tot 148.000 meldingen in 2024. Dat terwijl in die periode meer mensen aan het werk gingen, wat de daling extra opvallend maakt. Die positieve evolutie blijkt uit cijfers van Fedris, het federaal agentschap voor beroepsrisico’s.
Daar stopt het goede nieuws. Terwijl in 1985 amper 2,2 procent van de aangiftes van arbeidsongevallen in de private sector geweigerd werd, steeg dat aandeel jaar na jaar. In 2024 werd 17,1 procent van alle arbeidsongevallen niet erkend. Dat zijn er meer dan 25.000 op een jaar.
In 2024 werd 17,1 procent van alle arbeidsongevallen niet erkend. Dat zijn er meer dan 25.000 op een jaar.
Volgens Kris Van Eyck van het ACV is dat een alarmsignaal. ‘De arbeidsongevallenwetgeving moet in de eerste plaats slachtoffers vergoeden. We bereiken stilaan een punt waarop je moet vaststellen dat de wetgeving en de controlemechanismen die doelstelling niet meer garanderen. Besparingen bij Fedris dreigen de controles verder af te bouwen.’
Uitzendkrachten vaker geweigerd
Bovendien worden niet alle werknemers even goed beschermd. ‘Arbeidsongevallen van uitzendkrachten worden opmerkelijk vaker geweigerd dan die van vaste werknemers, bij sommige verzekeraars zelfs in meer dan een op de vijf gevallen.’ Volgens Van Eyck wijst dat op structurele ongelijkheid. ‘Uitzendkrachten worden minder goed begeleid bij de aangifte, waardoor dossiers sneller onvolledig zijn.’
Een arbeidsongeval moet aan een strikte wettelijke definitie voldoen: een plotse gebeurtenis tijdens het werk of op de weg van en naar het werk, met een medisch attest en liefst ook getuigen. Ontbreekt een element, dan kan een verzekeraar weigeren.
‘Waarom ontbreekt informatie? Die vraag wordt niet gesteld. Er wordt gewoon gekeken of een dossier juridisch volledig is of niet.’
Kris Van Eyck van het ACV
Een vaak gebruikte weigeringsgrond is ‘onvoldoende medewerking van het slachtoffer’, bijvoorbeeld wanneer iemand niet tijdig reageert op een brief. ‘Veel slachtoffers kennen de procedures niet of krijgen onvoldoende ondersteuning. Het gaat vaak niet over onwil, maar over drempels’, zegt Van Eyck. ‘Waarom ontbreekt informatie? Die vraag wordt niet gesteld. Er wordt gewoon gekeken of een dossier juridisch volledig is of niet.’
Wie een weigering krijgt, kan aan Fedris vragen de beslissing van de verzekeringsonderneming te onderzoeken of om een onderzoek in te stellen naar de oorzaken en omstandigheden van het ongeval.


