Net voor de zomer werd ik voorzitter van de grootste – en wat mij betreft mooiste! – sociale beweging van het land. Die beweging, dat zijn jij en ik, samen met héél veel anderen. Om een idee te geven: dit blad valt bij meer dan 1,2 miljoen gezinnen in de brievenbus. Toch is er naast die grote groep nog een groep mensen, die niet weten wat we doen en waar we voor staan. Onze beweging mag nog meer een gezicht krijgen. Een uitdagende opdracht, als kersvers voorzitter.
Zo sijpelde afgelopen zomer bij mij meermaals het beeld binnen van ‘één planeet, met vele werelden’. Terwijl velen van ons vakantie namen, bleven evenveel anderen wroeten en hard werken. Geen tijd of geen middelen voor pauze. Velen van ons deelden foto’s van reizen of pintjes op festivals, anderen bleven thuis: geen sociaal netwerk of geen geld voor een uitje. Kinderen gingen op kamp, maar minstens evenveel kids verveelden zich te pletter. Geen financiële ruimte voor creatieve tijdsbesteding.
Zomertijd is in de ene wereld gelijk aan ontspanning, in een andere wereld gelijk aan stress. Verder van ons lieten Gaza, Soedan, Jemen, Oost-Congo en vele andere brandhaarden van onrecht mij niet los.
Vele werelden in één wereld, naast elkaar, door elkaar. Dat brengt me bij nóg een opdracht voor mij als nieuwe voorzitter: vele werelden bij elkaar brengen, ook voor elkaar. Daar zet ik graag mijn schouders onder.
