Wilders had zijn partij immers ‘opgekuist’. De rookworst wordt stukje bij beetje afgesneden en opgediend, eten zullen we. Centrumpartijen plakken in Nederland intussen al een cijfer op het aantal vluchtelingen dat ze nog willen opnemen. Je kunt zo zien wat ons nog te wachten staat.
Op diezelfde woensdag kwam Andrea Malpassi, van de grootste Italiaanse vakbond CGIL, spreken op een evenement van het ACV. Hij had het over de reactie van zijn vakbond na de verkiezingsoverwinning van Giorgio Meloni en haar neofascistische partij Fratelli d’Italia. Die zorgde bij mezelf, maar ook bij heel wat collega’s, voor grote ontsteltenis. CGIL koos er namelijk voor om Meloni uit te nodigen om te spreken op het CGIL-congres.
Normalisering, dáár zit het gif.
De uitleg daarvoor overtuigde niet: het was een gewoonte van de vakbond om de nieuwe premier uit te nodigen voor het congres, en ze wilden als vakbond niet meteen de confrontatie opzoeken, haar niet de kans geven om hun te verwijten dat ze niet zouden willen samenwerken. De vakbondslieden begroetten haar opkomst door het lied Bella ciao te zingen, een antifascistisch strijdlied uit de Tweede Wereldoorlog.
Malpassi verdedigde die keuze met een groot, antifascistisch hart. Na zo’n eclatante en democratische verkiezingsoverwinning, nota bene deels dankzij de eigen vakbondsleden, moet je nederig zijn. Je moet tonen dat je jouw eigen mensen, die voor Meloni stemden, niet vies vindt.
Dadendrang
Daartegenover staat dat je inhoudelijk op je eigen lijn moet blijven staan, en die lijn met alle middelen moet bewaken en communiceren. Wij denken, zien en handelen in het belang van alle werkers – fascisten doen het omgekeerde. Bovendien moet je ook aan vakbondsvernieuwing doen, je moet de hedendaagse structuren en strategieën opzetten en durven om je eigen privileges te bevragen.
Wat doen we na 9 juni, wanneer in Vlaanderen een gelijkaardig scenario pijnlijk realistisch is? Een blik op de peilingen bewijst dat wat we vandaag doen, onvoldoende werkt.
Bovenstaand scenario is in België nog veraf. Ik herinner me een Franstalige collega die aandrong om de extreemrechtse N-VA zo veel mogelijk te weren uit verkiezingsdebatten. Ik legde de persoon lief uit dat dat in Vlaanderen niet kan. Sindsdien stel ik me de vraag: is het wel zo verstandig om de Franstalige vakbeweging met hun dadendrang te laten beslissen hoe we de strijd met extreemrechts in Vlaanderen moeten voeren? Over tenminste één ding hebben ze gelijk: we moeten aan de slag.
‘We hebben te veel migranten toegelaten’, hoor je vandaag in het centrum. ‘De manier om extreemrechts te bestrijden is door de problemen aan te pakken die ze benoemen’, verkondigt een politicoloog. Dát is de normalisering, daar zit het gif. Hoe een verkiezing of peiling mensen van mening doet veranderen.
Laten we samen de collega’s aan de overzijde van de taalgrens in deze strijd één ding vooropstellen: on lâche rien.

