De uitgaven van de ziekteverzekering aan geneesmiddelen blijven jaar na jaar stijgen. Volgens De Tijd spendeerde het RIZIV in 2023 meer dan 7,2 miljard euro aan farmaceutische producten, bijna 80 procent meer dan tien jaar geleden. Die stijging roept niet alleen vragen op over kostenefficiëntie, maar ook over de manier waarop we vandaag omgaan met medicatie. Want nemen we nog geneesmiddelen om ziektes te behandelen – of vooral om ongemakken snel weg te werken?
Steeds meer jongeren aan de maagzuurremmers
Neem bijvoorbeeld maagzuurremmers, zoals omeprazol en pantoprazol. Meer dan 12.000 jongeren tussen 12 en 17 jaar en aangesloten bij CM gebruiken dat type maagzuurremmers, zo bleek uit eerder onderzoek van Visie. Jaar na jaar stijgt dat cijfer.
Is er echt iets ernstigs aan de hand met onze jongeren, of is het pilletje vooral een snelle oplossing voor een probleem dat misschien beter met gezonde voeding of minder stress aangepakt kan worden? Langdurig gebruik van maagzuurremmers is in de meeste gevallen zelfs niet aangewezen.
Ouderen en medicatie: veel pillen, veel risico's
Ook bij ouderen speelt overmatig medicatiegebruik een grote rol. Bijna elke 65-plusser neemt vandaag ambulante geneesmiddelen, gemiddeld zo’n 1.338 dosissen per jaar volgens onderzoek van CM. Voor sommigen loopt dat zelfs op tot ruim 1.800 dosissen.
Wat vooral zorgen baart, is dat bijna zeven op de tien van deze ouderen minstens één geneesmiddel neemt dat door experten als 'potentieel onaangepast' beschouwd wordt. In woonzorgcentra ligt dat percentage zelfs nog hoger: 83 procent. Slaapmedicatie, maagzuurremmers, kalmeringsmiddelen, blaasontspanners of krampstillers zijn vaak onnodig voorgeschreven en brengen meer risico dan voordeel.
'Het lijkt soms eenvoudiger en goedkoper om aan terugbetaalde medicatie te komen voor klachten zoals overgewicht, onrust of eenzaamheid, dan om te investeren in preventie zoals gezonde voeding, beweging en sociale contacten.'
Luc Van Gorp, voorzitter van CM
Luc Van Gorp, voorzitter van CM, wijst op het onderliggende probleem: ‘Onze gezondheidszorg blinkt uit in symptoombestrijding in plaats van in preventie. Het lijkt soms eenvoudiger en goedkoper om aan terugbetaalde medicatie te komen voor klachten zoals overgewicht, onrust of eenzaamheid, dan om te investeren in preventie zoals gezonde voeding, beweging en sociale contacten.’
Snelle symptoombestrijding
Ook bij het gebruik van afslankmedicatie, cholesterolverlagers en antidepressiva is er vaak sprake van snelle symptoombestrijding. De ziekteverzekering merkt een forse stijging van afslankmiddelen, terwijl die alleen terugbetaald zouden mogen worden bij diabetespatiënten met ernstige obesitas. Daarnaast worden antidepressiva vaak langdurig genomen bij tijdelijke of lichte klachten, waardoor mensen soms jarenlang afhankelijk blijven van medicatie die ze wellicht niet echt nodig hebben.
Van Gorp is duidelijk over wat er moet veranderen: ‘Willen we echt werk maken van preventie, dan moeten we anders naar onze gezondheidszorg kijken. Op de klassieke manier krijgen we de uitgaven nooit onder controle.’
Preventie is meer dan gezondheidsbeleid
CM pleit daarom al langer voor een bredere aanpak. ‘Preventie is niet alleen iets voor de minister van Volksgezondheid’, benadrukt Van Gorp. ‘Gezondheid hangt samen met zowat alle aspecten van ons leven: hoe en waar we wonen, hoeveel we verdienen, hoe onze steden gebouwd zijn, en zelfs hoe we ons verplaatsen. Gezondheid die centraal staat in elk beleidsdomein, is noodzakelijk om onze gemedicaliseerde samenleving bij te sturen.’

