Afhankelijk van je sector of onderneming krijg je als bediende, arbeider of uitzendkracht aan het einde van het jaar een bijzondere verloning: de eindejaarspremie. Dat is vaak een volledig maandloon (oftewel ‘dertiende maand’), maar kan ook een vastgelegd percentage van je maandloon zijn of een forfaitair bedrag.
In de meeste gevallen bepaalt de sectorale cao het wat en hoe van de eindejaarspremie, maar als dat niet zo is, kan ze ook op ondernemingsniveau zijn vastgelegd, opgenomen zijn in je arbeidsovereenkomst, of een gewoonte of belofte van jouw werkgever uitmaken. Dan is het niet altijd eenvoudig om te weten of je ervoor in aanmerking komt. Op www.hetacv.be/eindejaarspremie vind je een overzicht van de premies per sector. Als er geen regeling is op het niveau van jouw paritair comité, spreek je best de vakbondsafgevaardigden binnen je onderneming aan.
Hoe wordt de premie berekend?
De eindejaarspremie wordt berekend op basis van de periode die je in het afgelopen jaar gewerkt hebt. Ook uitzendkrachten komen dus in aanmerking, op voorwaarde dat ze, minstens 65 dagen werkten tussen 1 juli 2020 en 30 juni 2021. De premie ontvangen ze niet via het uitzendkantoor of de werkgever bij wie ze hun opdracht uitvoeren, maar via het Sociaal Fonds voor de Uitzendkrachten. Zij sturen je een formulier of premiedocument, dat je moet ondertekenen en zo snel mogelijk aan je ACV-afgevaardigde of -dienstencentrum bezorgen.
Uitzendkrachten die lid zijn van het ACV ontvangen samen met de eindejaarspremie ook hun syndicale premie van 104 euro.
Als verloning is de eindejaarspremie zoals alle loonvoordelen onderhevig aan belastingen en RSZ-bijdragen. Ze geldt als ‘uitzonderlijke uitkering’, waardoor de bedrijfsvoorheffing hoger is dan op je gewone loon.

