Gehoorproblemen treffen een groot aantal mensen, niet enkel hoogbejaarden. Van de CM-leden die in 2019 een terugbetaling voor een hoorapparaat kregen, was 16 procent jonger dan 60 jaar en 40 procent tussen de 61 en 80 jaar oud. Tussen 2010 en 2019 stegen de terugbetaalde bedragen met iets meer dan 50 procent van 20 naar 36 miljoen euro. De supplementen – de bedragen die de patiënt zelf moet ophoesten - verdubbelden in dezelfde periode van 25 naar meer dan 50 miljoen euro. Gemiddeld gezien betaalt een patiënt rond de 2000 euro zelf voor het gehoorapparaat, of een derde van de totale factuur, ondanks een forse verhoging van het terugbetalingstarief met 22 procent in 2008.
In datzelfde jaar stelde het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) in een studie al vast dat Belgen voor meer dan 85 procent van de hoorapparaten meer betalen dan hun Europese buren. In Denemarken waren van de tien vergelijkbare producten er negen goedkoper dan in België. Dat prijsverschil leidt ertoe dat er in Denemarken 53 procent van de slechthorenden die een hoortoestel nodig hebben, effectief eentje bezit, terwijl dat bij ons slechts 30 procent is.
Meer transparantie nodig
‘Het deel van de kosten ten laste van de patiënt is in ons land zo groot dat het voor sommige mensen een drempel is’, zegt Luc Van Gorp. Een hoorapparaat is een terugkerende kost, aangezien het wordt aanbevolen om na vijf jaar het apparaat te vernieuwen en na die termijn telkens een terugbetaling in de verplichte ziekteverzekering mogelijk is. ‘Opmerkelijk is ook dat leden met het recht op de verhoogde tegemoetkoming goedkopere en dus minder gesofisticeerde hoortoestellen aankopen dan leden zonder de verhoogde tegemoetkoming. Die eerste groep stelt de aankoop van een hoorapparaat ook uit. Extra supplementen leiden dus ook tot sociale gezondheidsongelijkheid.’
De nieuwe studie maakt voor CM duidelijk dat maatregelen nodig zijn om de hoge supplementen voor hoorapparaten een halt toe te roepen. ‘Een belangrijke eerste stap zou zijn om transparant te zijn over de verdeling van de kosten voor het toestel en voor de diensten van de audicien’, gaat Van Gorp verder. ‘Het moet voor de patiënt duidelijk zijn waarvoor hij allemaal supplementen betaalt. Zonder transparantie over de factuur kan elke verhoging in de terugbetaling van hoorapparaten, hetzij in de verplichte ziekteverzekering hetzij in de aanvullende ziekteverzekering, leiden tot een verhoging in de aangerekende supplementen. Om de prijs van hoorapparaten te drukken, kan het ook nuttig zijn om op Europees niveau te onderhandelen over de tarieven voor hoortoestellen om, net zoals met het COVID-19-vaccin, aan marktregulering te doen.’

